FABORY

‘TOF DAT IK NOG ELKE DAG NAAR MIJN WERK KAN’

Tekst Ronald de Kreij Beeld Nick Benton

Erik van Dongen is blij dat hij ondanks de coronacrisis nog elke dag naar zijn werk kan op het distributiecentrum van Fabory. Maar dat geldt niet voor al zijn collega’s. Het kantoorpersoneel werkt thuis, en de uitzendkrachten werken niet. En de werkgeverskoepel wil de cao-afspraken over loonsverhoging uitstellen.

Omdat de winkels gesloten zijn, is het (ten tijde van dit gesprek) een stuk rustiger op de werkvloer van Fabory in Tilburg. ‘We hebben in maart nog wel aardig gedraaid’, vertelt magazijnmedewerker Erik van Dongen. ‘Maar wat er nu gebeurt, zal er vrees ik behoorlijk inhakken. We lopen hier nu met de vaste krachten in een ploeg van zo’n twintig man. Normaal zijn dat er vijfentwintig, dertig, maar vrijwel alle uitzendkrachten zijn weg. Omdat er onvoldoende werk is. Ik hoop voor ze dat ze elders aan de slag zijn gegaan. Al zal dat voor ons wanneer we straks weer opstarten wel een probleem opleveren. Want waar vinden we dan voldoende mensen?’

MODERNE BEDRIJFSVOERING

Op het distributiecentrum van Fabory wordt gewerkt met een kernbezetting van vast personeel, met daar omheen een schil van mensen met een tijdelijk contract en daar weer omheen een schil bestaande uit flexkrachten. ‘Dat is nu eenmaal de moderne manier van bedrijfsvoering’, meent Van Dongen. ‘Maar persoonlijk vind ik dit erg triest. Ik ben zelf ook zo’n vijf jaar uitzendkracht geweest, dus ik weet wat de onzekerheid die daarmee gepaard gaat met je doet. Soms werk je ergens maar een paar weken, soms een heel jaar waarna je er alsnog keihard uit gaat. Of je nou wel of niet goed werk levert. Ze willen je gewoon niet een vaste aanstelling moeten geven.’ Zo werkte hij in die periode onder meer bij een distributiecentrum van Albert Heijn. ‘In het begin kreeg ik een contract voor negen maanden. Daarna twee keer een contract voor een jaar. En daarna werd ik niet meer ingehuurd. Ze vonden me te oud en daarmee te duur geworden.’

VAST WERKRITME

Van Dongen is blij met zijn vaste baan nu. En hij is ook blij dat hij nog elke dag naar zijn werk kan, waar uiteraard de benodigde voorzorgsmaatregelen zijn genomen. ‘Aangepaste voorschriften, schoonmaakdoekjes en desinfectiemiddel, belijning op de vloer, ploegen uit elkaar gehaald, dat soort dingen’, aldus Van Dongen. ‘Dat ik nog gewoon door kan werken vind ik wel tof.’, zegt hij. ‘Mijn collega’s die op kantoor zitten, werken nu allemaal vanuit huis. Die worden denk ik langzaam een beetje gek. Ik niet. Ik hou mijn vaste werkritme.’ Toch is de situatie ook nog wel een beetje wennen. Want natuurlijk is hij niet altijd even druk bezig. Daarvoor is er simpelweg niet voldoende werk voorhanden. Niettemin kunnen sommige leidinggevenden het dan toch niet laten om de medewerkers aan te spreken wanneer zij zichtbaar even weinig te doen hebben. ‘Je maakt mij niet wijs dat onze kantoormensen die nu thuiswerken wél altijd hartstikke druk zijn. Maar daar hoor je niemand over.’

GEEN LOONSVERHOGING

Omdat de sector als gevolg van de crisis rake klappen krijgt, wil de koepelorganisatie Werkgevers Technische Groothandel (WTG) de onlangs gemaakte cao-afspraken over loonsverhoging nu uitstellen. Die cao stamt van kort voor de crisis en kwam onder zware druk tot stand na twee jaar duwen en trekken gevolgd door vijftien dagen stakingsacties. Maar het resultaat mag er zijn: 11 procent meer loon in 33 maanden tijd. Van Dongen sluit zich in zijn reactie hierop aan bij het standpunt van FNV Handel: leg de coronarekening niet bij de werknemers. Dat is ook niet nodig. Bedrijven kunnen een beroep doen op het steunpakket van het kabinet, dat mede onder druk van de FNV tot stand is gekomen. Een bedrijf kan van het steunpakket gebruik van maken bij een omzetverlies van meer dan 20 procent. Wel geldt de voorwaarde dat de lonen van werknemers worden doorbetaald, inclusief de afgesproken loonsverhogingen. De FNV doet de WTG een tegenvoorstel: Laten we samen optrekken in de crisis en de gevolgen voor de economie en de werkgelegenheid in de branche met alle partijen gezamenlijk volgen en bespreken. Op dit voorstel heeft de WTG echter geen enkele reactie gegeven.

‘DAT IK NOG GEWOON DOOR KAN WERKEN VIND IK WEL TOF’