ZO ZIT DAT

Bureau Beroepsziekten FNV staat zieke werknemers bij

’ZE ZETTEN ONZE LEVENS OP HET SPEL’

Tekst Pien Heuts Illustratie Rhonald Blommesteijn

Sinds de oprichting in 2000 maakt Bureau Beroepsziekten FNV zich sterk voor vakbondsleden die ziek zijn geworden door hun werk. Een letselschadevergoeding vergt vaak jarenlang touwtrekken met onwillige werkgevers. ‘Er moet een moreel lampje gaan branden.’

Jaarlijks sterven er 4100 werknemers als gevolg van een beroepsziekte. Ruim 3800 mensen werden in 2018 met een beroepsziekte geregistreerd. Blootstelling aan gevaarlijke stoffen of andere onveilige arbeidsomstandigheden kunnen enorme gezondheidsschade tot gevolg hebben. Vakbondsleden die hun werkgever daarvoor aansprakelijk willen stellen, kunnen aankloppen bij Bureau Beroepsziekten FNV (BBZ).

SLOPENDE STRIJD

De selectie op haalbaarheid is streng; het verband tussen arbeidsomstandigheden en gezondheidsklachten moet immers worden bewezen. Jarenlang getouwtrek met onwillige werkgevers is eerder regel dan uitzondering. Om slachtoffers van beroepsziekten als asbestkanker en ops die juridische lijdensweg te besparen, voorziet de overheid in een tegemoetkoming (21.269 euro). Er zijn plannen om deze tegemoetkoming ook te laten gelden voor werknemers die ziek worden van blootstelling aan andere gevaarlijke stoffen.

‘Het is vaak slopend voor zieke werknemers of hun nabestaanden om de jarenlange strijd tegen hun werkgever te voeren’, zegt BBZ-advocaat Daphne van Doorn. De bewijslast voor werknemers is zwaar. Ook al is bijvoorbeeld bekend dat in een bedrijf met asbest is gewerkt, moet de zieke werknemer tóch bewijzen dat zijn of haar asbestkanker daar een gevolg van kan zijn.’

MOREEL LAMPJE

Naast aansprakelijkstelling in individuele zaken treedt BBZ ook op namens meerdere werknemers in een bedrijf (zie kaders). Van Doorn daagde dit voorjaar chemiereus Dupont voor de rechter wegens het blootstellen van oud-werknemers aan schadelijke stoffen. Ook staat ze een grote groep werknemers bij die bij luchtfilterfabrikant AAF moesten werken met het kankerverwekkende formaldehyde.

‘Elke keer vind ik het weer onbegrijpelijk hoe er met een zekere gelatenheid en acceptatie gereageerd wordt op werknemers die ziek zijn geworden van hun werk’, zegt Olaus Wildbret, hoofd BBZ. ‘Terwijl het een grof schandaal is als je door blootstelling aan schadelijke stoffen, zoals asbest, chroom VI, formaldehyde, DMAc of andere situaties én een tekortschietende zorgplicht van de werkgever ziek wordt of doodgaat. Dat is echt onacceptabel. Naast de compensatie voor slachtoffers hopen we ook bij te dragen aan verbetering en naleving van arbeidsomstandigheden. Met letselschade afkopen als werkgever ben je er namelijk niet; er moet een moreel lampje gaan branden.’

‘OVER EEN DOODGEBOREN KIND KOM JE NOOIT HEEN’

Dupont-werknemer Romy Hardon Blootgesteld aan oplosmiddel DMAc


‘Er zijn zóveel bewijzen; we strijden door tot we erkenning krijgen voor het leed dat ons is aangedaan. Als ik niet zou vechten, verloochen ik mijn doodgeboren zoontje Wesley.’ Romy Hardon (61) heeft samen met veertien andere oud-werknemers en Bureau Beroepsziekten FNV (BBZ) chemiereus DuPont voor de rechter gedaagd. In 2016 stelde BBZ het bedrijf collectief aansprakelijk voor blootstelling aan het gevaarlijke reprotoxische oplosmiddel DMAc, wat bij de vrouwen heeft geleid tot miskramen, doodgeboren kinderen, vruchtbaarheidsproblemen en baarmoederhalskanker. Dit voorjaar werd DuPont voor de rechter gedaagd. Op 1 oktober is de volgende rolzitting.

Hardon ging als 17-jarige op de inpakafdeling van de lycrafabriek van DuPont in Dordrecht aan het werk. Ze werkte er tussen 1977 en 1988. Op een oude videoband uit de jaren tachtig is te zien hoe de vrouwen zonder veiligheidspakken of gelaatsbescherming open en bloot in de walmen van uitdampende spoelen met lycragaren stonden. Het vloeibare oplosmiddel DMAc diende als hulpmiddel bij de productie van het elastische garen. Al in de jaren zeventig waren de schadelijke gevolgen voor ongeboren kind en voortplantingsorganen bekend. Hardon: ‘Als ik dat had geweten, was ik er natuurlijk nooit gaan werken. Dupont presenteerde zich als het veiligste bedrijf ter wereld. We kregen periodieke gezondheidstesten. Alleen nooit de uitslag.’

Ze was vaste klant bij de gynaecoloog. Ze vloeide continu, er volgende vele curettages. In 1985 ging haar zwangerschap na acht maanden fout. ‘Zwangerschapsvergiftiging. Op de intensive care moest ik bevallen van een dood kind. Nog elke maand ga ik naar het graf van Wesley. Over zoiets kom je nooit heen.’

Later viel op dat opvallend veel vrouwen kampten met miskramen, doodgeboren kinderen, gescheurde baarmoeders of kanker. ‘Dupont wist hoe schadelijk DMAc was voor vrouwen in de vruchtbare leeftijd. Dat stond nota bene in handleidingen van het bedrijf. Ik rust niet voordat de onderste steen boven is.’

‘HET IS EEN SLUIPEND PROCES’

Wessel Gernaat (OPS) Blootgesteld aan oplosmiddelen


Zonder telefoon zou hij nergens zijn. Wessel Gernaat (52) heeft geheugen- en concentratieproblemen. En altijd hoofdpijn. Zijn telefoon is zijn geheugen. Als offsetdrukker werkte hij jarenlang, zonder bescherming, met organische oplosmiddelen. Gevolg: Organo Psycho Syndroom (OPS), ook wel de schildersziekte genoemd.

‘Het is een sluipend proces’, zegt Gernaat. ‘Je voelt wel dat het niet gezond is om de hele dag in die dampen te staan, maar zo lang je geen klachten hebt, zeur je niet. We kregen geen voorlichting en beschermingsmiddelen. En er was nauwelijks ventilatie.’

Zijn klachten werden begin 2000 steeds erger: vergeetachtigheid, altijd hoofdpijn, prikkelbaar en moe. Nachtdiensten werden een drama. In 2008 kreeg hij de diagnose: OPS. Bureau Beroepsziekten FNV stelde het bedrijf aansprakelijk; het duurde elf jaar voordat een letselschadevergoeding was geregeld.

‘Als ik maar niet in de buurt van giftige oplosmiddelen kom, functioneer ik redelijk’, zegt Gernaat. ‘Als ik getankt heb, heb ik dagenlang last. Verf, schoonmaakmiddelen, lijm - overal zit die troep in.’ Het ergste vindt Gernaat zijn korte lontje dat hij sinds zijn beroepsziekte heeft. Echtgenote Betty: ‘Hij kan plotseling ongeremd geïrriteerd raken als dingen anders lopen dan gepland. Of als hij te veel prikkels krijgt. Omdat hij dingen vergeet, is hij enorm onzeker.’ Gernaat: ‘Als ik wegga moet ik tien keer terug om te controleren of de deur op slot is, het raam dicht, de hond binnen.’

Wessel Gernaat werkt nog bij dezelfde drukkerij, maar nu op de stansafdeling waar hij niet wordt blootgesteld aan toxische oplosmiddelen. ‘Met mijn vlekje vind ik nooit een andere baan. Aan de buitenkant is niks te zien, maar vanbinnen is het een chaos. Dat vreet aan me.’

‘DE BESTE GETUIGE WAS DOOD’

Esther Lüschen Stiefdochter asbestslachtoffer Willem Gerritsen


Willem Gerritsen heeft zelf de vruchten van zijn juridische strijd tegen Tata Steel niet meer mogen plukken. Eind 2017 overleed hij op 85-jarige leeftijd aan de gevolgen van mesothelioom, asbestkanker, opgelopen bij de staalfabrikant. Zijn oud-werkgever zegde toe asbestzaken voortaan zo veel mogelijk te schikken en minder te procederen, waardoor jarenlange aansprakelijkheidsprocedures mogelijk tot het verleden gaan behoren. De procedure die Bureau Beroepsziekten FNV in 2016 namens Gerritsen was gestart, eindigde na deze belofte in 2019 in een schikking.

Esther Lüschen (56) behartigde als stiefdochter, samen met BBZ, de belangen van Willem Gerritsen in de aansprakelijkheidsprocedure. ‘Dit is precies wat Willem, vakbondsman in hart en nieren, zou hebben gewild: een fatsoenlijke regeling. Hij had het vaker meegemaakt dat doodzieke oud-collega’s of hun nabestaanden alles uit de kast moesten halen om aan te tonen dat ze door hun werk bij Tata Steel, voorheen Hoogovens, kanker hadden gekregen. Hierdoor haakten velen af.’

Vaak zit er dertig jaar of langer tussen blootstelling aan asbestvezels en asbestkanker. Ook Willem, die in 1991 na 25 jaar met pensioen ging, moest na de diagnose dat bewijs zien te leveren. Esther: ‘Hij heeft zich zelfs laten opereren om weefstel met asbestvezels uit zijn longvlies veilig te stellen. Als Tata Steel de zaak niet zo getraineerd had, had Willem zelf nog even van zijn schadevergoeding kunnen genieten. De eerste inhoudelijke vragen kregen we veertien maanden na de aansprakelijkstelling - de dag na zijn overlijden. Heel wrang; de beste getuige was net dood.’

Het maakte Willem heel boos en verdrietig, zegt Esther, dat men zo laks met de gezondheid van werknemers omging. ‘Toen hij in 2016 zelf ziek werd, accepteerde hij dat meteen. Hij wist dat ik, na zijn overlijden, tot het gaatje zou gaan. Het heeft me veel negatieve energie gekost met zo’n grote moloch de strijd aan te gaan. Mensen verklaarden me voor gek. Maar het was het waard.’

‘KANKER IS JE ERGSTE VIJAND’

AAF-werknemer Blootgesteld aan formaldehyde


Het hangt als een zwaard van Damocles boven zijn hoofd. Krijgt hij kanker na jarenlange blootstelling aan formaldehyde? Of niet? Liever doet hij anoniem zijn verhaal. Americain Air Filter Internationaal, fabrikant van luchtfilters, sloot in 2018 zijn deuren in Emmen.

De strafzaak die het Openbaar Ministerie tegen het bedrijf én twee oud-leidinggevenden vanwege het blootstellen van werknemers aan de kankerverwekkende stof formaldehyde tussen 2013 en 2017, in gang heeft gezet, diende op 3 september. Bureau Beroepsziekten FNV heeft zich namens 75 werknemers in de strafzaak gevoegd en heeft bovendien onderhandeld over een angstschadevergoeding van maximaal 3000 euro. Mochten werknemers gezondheidsklachten krijgen dan zal BBZ het Japanse moederbedrijf Daikin aansprakelijk stellen.

Zo’n vijftien jaar heeft hij in de fabriek gewerkt. Vooral in de hal waar luchtfilters voor spuitcabines van Audi en Mercedes werden geproduceerd, kregen veel werknemers last van hun luchtwegen. ‘We zaten onder de kleurstof, leken wel marsmannetjes. Bij het spinnen van glas dat wordt gebruikt voor filters, kwam bovendien formaldehyde vrij. Hoorden we later.’ Beschermingsmiddelen en deugdelijke afzuiging waren er niet. ‘Er hing altijd een nevel; je kon elkaar slecht zien. Vaak hebben we ernaar gevraagd, ook de arbeidsinspectie kwam regelmatig langs. Maar er veranderde niets.’

Later bleek het bedrijf al in 1999 op de hoogte te zijn van forse overschrijdingen van de concentratie van het giftige spul. ‘Ik vind het schandalig. Het gaat om de veiligheid en gezondheid van mensen. Ze zetten onze levens op het spel. Kanker is je ergste vijand. Een paar collega’s hebben het intussen.

BBZ-advocaat Daphne van Doorn heeft onze blootstellingsgegevens bij de notaris gedeponeerd, voor een eventuele letselschadezaak. Tussen blootstelling en mogelijk ziek worden zit zo’n vijftien jaar. Compensatie van angst is nooit in geld te vergoeden. We zijn willens en wetens in gevaar gebracht.’

DE CIJFERS: PERIODE 2015-2019

  • In de periode 2015-2019 zijn 132 werkgevers in individuele beroepsziektenzaken aansprakelijk gesteld. Daarnaast ook nog eens acht collectief. Van de 139 regelingen zijn 66 zaken minnelijk geschikt en 73 juridisch. Minnelijke trajecten duren gemiddeld vijf jaar, juridische procedures acht jaar.
  • De gemiddelde letselschadevergoeding bedroeg in het minnelijke traject 56.221,83 euro en via juridische weg 66.603,60 euro. De laagste letselvergoeding was 500 euro, de hoogste 460.725,61 euro (burn-outzaak).
  • Meldingen over psychische klachten komen het vaakst voor, gevolgd door klachten aan bewegingsapparaat, chemische belasting (waaronder OPS), long- en luchtwegklachten, kanker en gehoorklachten.
  • Sinds de oprichting van BBZ in 2000 is in 644 zaken in totaal 29.941.008,46 euro aan schadevergoedingen geregeld.

Deel deze pagina